Welkom, Gast. Alsjeblieft inloggen of registreren.
5 September 2010, 11:28:49

Login met gebruikersnaam, wachtwoord en sessielengte
Zoek:     Geavanceerd zoeken
2804 aantal berichten in 649 topics door 2110 geregistreerde leden
Nieuwste lid: regiosprinter_294
* Startpagina Help Inloggen Registreren
+ 
|-+  Belangrijke adressen
| |-+  Achtergrond (Moderator: webmaster)
| | |-+  21-05-05: de 10-weekse taxistaking in 1977; biografie Reinder Hoekzema
0 geregistreerde leden en 1 gast bekijken dit topic. « vorige volgende »
Pagina's: 1 Omlaag E-mail dit topic Print
Auteur Topic: 21-05-05: de 10-weekse taxistaking in 1977; biografie Reinder Hoekzema  (gelezen 8550 keer)
webmaster
Administrator
*****
Offline Offline

Geslacht: Man
Berichten: 172


« Gepost op: 21 Mei 2005, 16:39:54 »

In 1977 werd er tien weken lang gestaakt door de Groninger taxichauffeurs. Een onderwerp dat uitvoerig besproken wordt in de biografie Vakbondswerk doe je met z'n allen over oud-bestuurder Vervoer van FNV Bondgenoten Reinder Hoekzema. Hoekzema speelde een hoofdrol in die staking maar ook bij andere grote kwesties. Hij kreeg het eerste exemplaar vandaag overhandigd door de auteurs, Ed van Eijbergen en Gerda Bosma.

De biografie stoelt op gesprekken die de auteurs met Hoekzema voerden en is in de ik-vorm opgeschreven. Na een beschrijving van zijn jeugd en zijn schelmenstreken gaat Hoekzema snel over naar zijn eerste baan in het vervoer, in 1973 bij de toenmalige Groninger Taxicentrale GTC, waar in 1974 een tiendaagse taxistaking is. Van een landelijke CAO Taxi was destijds nog helemaal geen sprake. De inzet is dat in elk geval het minimumloon betaald zal worden plus een stukje provisie. De staking leidt tot resultaat. In drie jaar tijd zullen de afspraken gefaseerd uitgevoerd worden. Maar in 1977 leeft de directie van de GTC alsnog de afspraken niet na. Dat heeft een staking tot gevolg die uiteindelijk tien weken zal duren. Uiteindelijk moet de directie bakzeil halen.

Hoekzema wordt daarna bestuurder bij de Vervoersbond NVV, later FNV Bondgenoten, en zijn praktijkervaringen in het goederenvervoer, streekvervoer, taxivervoer, tour, ambulance en de waddenveren komen ruimschoots aan bod.  Waardoor de lezer een helder beeld krijgt van de arbeidsconflicten uit die tijd, acties, onderhandelingen en afspraken. Daarbij veel problemen over het loon, niet-uitbetaalde arbeidsuren en niet-nageleefde afspraken.

Hoekzema schetst ook een beeld van de werkwijze en de koers van de NVV. Duidelijk is dat hij niets heeft met praatclubjes, kaderleden die wel bij elkaar komen maar verder niet actief zijn. Zijn inzet is daarentegen om met geinteresseerde leden te studeren op bijvoorbeeld de lonen of de CAO-bepalingen. Praktisch bezig te zijn dus, met zaken die dicht bij de mensen staan. Om vervolgens meer mensen hiermee te bereiken, meer kaderleden tot ontplooiing te laten komen en zo positie op te bouwen binnen de bedrijven en binnen de sector.

De biografie Vakbondswerk doe je met z´n allen, 110 pagina's, is voor 6 euro verkrijgbaar in de bibliotheek van FNV Bondgenoten in Utrecht, de balie van het regiokantoor van FNV Bondgenoten in Groningen en bij boekhandel Godert Walter in de Oude Ebbingestraat in Groningen. Of door het overmaken van 6 euro plus 2,25 euro voor verzendkosten op giro 2.491.772 t.n.v. E.K. van Eijbergen te Groningen met vermelding van volledige adresgegevens.
« Laatste verandering: 28 November 2006, 22:23:36 door webmaster » Gelogd
webmaster
Administrator
*****
Offline Offline

Geslacht: Man
Berichten: 172


« Antwoord #1 Gepost op: 27 Juni 2005, 12:05:20 »

De biografie en de vakbeweging

Luchien Karsten hield op 20 mei j.l. een inleiding ter gelegenheid van het verschijnen van een biografie “Vakbondswerk doe je met z’n allen” over de noordelijk vakbondsbestuurder Reinder Hoekzema, geschreven door Ed van Eijbergen en Gerda Bosma:
 
In 1919 verscheen het boek "Arbeiderslevens." Het bevatte een verzameling gedrukte arbeiders autobiografieën die waren verzameld door J.F. Ankersmit. Ankersmit, die het tot hoofdredacteur van het SDAP-dagblad Het Volk bracht, wist te weinig van arbeiders en had een aantal arbeiders gevraagd hun levensverhaal in het kort op papier te zetten. De 7 levensverhalen vormden geen doorsnee van de arbeidersbevolking want ze waren allen lid van de SDAP, van het geloof geraakt en fanatieke lezers. De verhalen schetsen het ouderlijke gezin, armoede, ziekte en periodieke werkloosheid.

Ik ontleen deze informatie aan de laatste tekst die Ger Harmsen vlak voor zijn dood op 3 april jl. had afgerond. In die studie over de sociaal kritische proza literatuur 1850-1960, die naar alle waarschijnlijkheid door de SUN zal worden uitgegeven, besteedt Ger Harmsen een afzonderlijk hoofdstuk aan de levensverhalen van arbeiders. Hij schetst erin hoe ingewikkeld het genre van de memoires in feite is. De oudste levensverhalen werden door de arbeiders zelf met de hand geschreven. Bekende voorbeelden zijn de herinneringen van Imke Klaver, de Friese landarbeider, en Harmen van Houten, wiens levensherinneringen van een veenarbeider de nodige aandacht trokken. En was geen sprake van een verheerlijking van het proletarische leven noch van een heroďsering.

Toch bleef deze memoire-literatuur schaars. De rijke traditie van strijd-, levens-, en werkervaringen werd binnen arbeiderskringen mondeling overgeleverd. In een enkel geval vertelden arbeiders hun leven aan een ander die het vervolgens optekende. "Sommige veteranen beschikten over een stalen geheugen en hadden te weinig fantasie om het verleden anders voor te stellen dan het verlopen was." Ger Harmsen tekent daarbij aan, dat het wel verschil maakte of een historicus het vertelde noteert of een journalist die het in de eerste plaats om een pakkend of leesbaar verhaal gaat. Er is verschil tussen een letterlijk op papier gezet verslag van het vertelde en een interview waarbij suggestieve vragen gesteld worden. Dit kan leiden tot vertekeningen en overdrijvingen.

In deze uitlatingen klinkt de strenge werkwijze door van de historicus van de Nederlandse arbeidersbeweging. Toch worstelde hij soms ook zelf wel met de vraag hoe nu precies zo'n levensschets aan het papier moest worden toevertrouwd. Hoe ga je - met andere woorden - om met distantie en betrokkenheid. Het belangrijkste is de vraag of het lukt om het scharnier tussen leven en werken, tussen het individuele en collectieve historische gebeuren op te sporen en zichtbaar te maken. Dat scharnier wordt gevormd door de dialectiek van leven en werk, oftewel het effect van de individuele activiteit op het collectieve gebeuren.

In gesprekken over dit onderwerp liet Ger Harmsen zich nog wel eens ontvallen dat het de biografie misschien niet zou misstaan om geďnspireerd te zijn door historische romanschrijvers die feiten en samenhangen soms op wat andere wijze schetsen dan strikt gesproken toelaatbaar is. Hij deinst er echter voor terug om feit en fictie in elkaar te laten overlopen om een mooi of spannend verhaal te kunnen schrijven. Het dramatiseren van feiten om een leesbaar geheel te kunnen leveren op literair niveau daarentegen vond hij te rechtvaardigen omdat daarmee dan ook de rol van de biograaf zelf extra zichtbaar wordt.

Bij een terugblik na de voltooiing van het negen delige Biografisch woordenboek van het socialisme en de arbeidersbeweging in Nederland ( BWSA) in 2001, constateerde Ger Harmsen - die een van de drijvende krachten achter dat project was geweest en 577 schetsen had opgeleverd - dat bij de keuze van de personen aan wie een schets zou worden gewijd, een "oorspronkelijke bijdrage aan de ontwikkeling van het socialisme en de sociale beweging" als uitgangspunt diende.

Gaandeweg bemerkte de redactie, die van 1986 tot 2001, dus vijftien jaar, met dit project is bezig geweest, dat dat criterium geen hout sneed. Wat was oorspronkelijk en waarom zouden zij die alleen maar organisatorisch zijn bezig geweest buiten behandeling moeten blijven? Het werd de redactie duidelijk dat idee en beweging van het socialisme alleen maar op betekenisvolle manier bijeengebracht kunnen worden als evenveel aandacht wordt besteed aan denkers als aan doeners. Beiden moeten het volle pond krijgen. De redactie distantieerde zich dan ook van het eenzijdige marxistische beeld dat alle aandacht alleen richtte op de werkende massa die de materiële rijkdom voortbracht en ten onrechte weinig ruimte liet "voor de betekenis van leidende persoonlijkheden."

Het resultaat is er naar: de negen kloeke BWSA delen in een vaal blauw kaft mogen er zijn. Maar die geschiedschrijving, de contemporaine geschiedschrijving of oral history, is daarmee niet voltooid. Dat moge wel blijken uit het feit dat Reinder Hoekzema vandaag het eerste exemplaar van "Vakbondswerk doe je met z'n allen" in ontvangst mocht nemen.

Zoals uit het voorwoord blijkt is het een cadeau dat Gerda Bosma en Ed van Eijbergen aan Reinder Hoekzema hebben aangeboden toen hij in 2001 na meer dan twintig jaar trouwe dienst afscheid nam van zijn bestuurdersfunctie bij de Vervoersbond NVV/FNV en later FNV Bondgenoten.

Maar wat werd Reinder eigenlijk aangeboden? Of eigenlijk: wat bood Reinder ons aan? Op het kaft staat als ondertitel "Een biografie van vakbondsbestuurder Reinder Hoekzema." Maar is het wel een biografie? Hij heeft zijn levensherinneringen niet zelf op papier gezet, maar ze Gerda en Ed verteld. Is het daarmee een woordelijk verslag geworden van wat Reinder aan de opnameapparatuur toevertrouwde? Ja en nee.
De verteltrant van Reinder is grotendeels gehandhaafd. In die zin is het zijn verhaal. Reinder behoort zeker tot de categorie veteranen die Ger Harmsen had omschreven als de mensen met dat stalen geheugen. Anderzijds is het niet alleen Reinders verhaal. Ed van Eijbergen heeft, om distantie te bewaren, veel tijd besteed aan het zoeken naar documenten die de maatschappelijke voorvallen waarover Reinder vertelde nog eens bevestigden, aanscherpten of afzwakten. Het boek van zo'n 100 pagina's bevat foto's die een aantal van die voorvallen nog eens illustreren.

Het boek is opgebouwd rond de levensherinneringen van de bestuurder Reinder Hoekzema, waarbij hij zijn eigen activiteiten voortdurend heeft geplaatst binnen de context van NVV en FNV. Het persoonlijke en het collectieve zijn daarbij met elkaar vervlochten. Daarmee past het in de traditie waarmee Ankersmit in 1919 is begonnen. Het is daarmee een autobiografie van de bestuurder Reinder Hoekzema geworden maar zeker niet een autobiografie van de mens Reinder. Dat was niet de bedoeling van het cadeau, hoewel hier en daar toch wel doorklinkt hoezeer het leven van Reinder is getekend door zijn ervaringen, emoties, gelukkige en teleurstellende momenten als bestuurder.

Zijn levensverhaal ontrukt aan de vergetelheid een reeks roemruchte stakingen. De staking van 1974 ging om het feit dat de taxichauffeurs nog werkweken hadden van 48 uur, terwijl de rest van de maatschappij al op veertig zat. Na de staking van tien dagen ging het loon omhoog en werd de werktijd verkort. Maar in 1977 was het opnieuw raak. Toen de CAO in 1976 was afgelopen wilden de werkgevers van geen loonsverhoging horen. Het kabinet Den Uyl had via de machtigingswet laten weten in de periode van de oliecrisis de lonen te willen matigen. De staking ging om een rijksdaalder. Jacques Wallage - toen wethouder verkeer in Groningen - werd gevraagd te bemiddelen. Uiteindelijk werd er een goed akkoord afgesloten dat in vergelijk met de rest van het land gunstig afstak. Bij beide stakingen had Reinder een spil functie vervuld.

Na nog geen twee jaar in het Westen te hebben vertoefd, keerde Reinder in 1981 naar Groningen terug en kon het gezin hetzelfde huis betrekken waar zij eerder hadden gewoond. Hij stak veel tijd en energie in kadertraining. En dat kwam goed van pas tijdens de grote landelijke staking die op 15 december 1985 uitbrak. Johan Stekelenburg had op een demonstratieve vergadering in Utrecht (23-11-1985) namens het hoofdbestuur gesteld dat als de onderhandelingen over hogere lonen en korter werken spaak zouden lopen dat dan de FNV stakingskassen open zouden gaan teneinde de acties in het beroepsgoederenvervoer financieel te steunen. En zo gebeurde.

Reinder voorvoelde dat als er iets ging gebeuren, dat zeker in het noorden zou plaatsvinden. Hij kon dankzij de scholing vertrouwen op zijn kaderleden. Het werd een unieke actie met veel landelijke en internationale aandacht van de pers. Ger Harmsen schreef daarover in "Onderweg, een eeuw vervoersbonden": "nog nooit had Nederland zo´n omvangrijke verkeersstaking meegemaakt." Dit boek werd voltooid in 1986 en toen wisten de auteurs natuurlijk nog niet wat voor andere grote stakingen er nog volgden.

De felle staking van 1989 in het goederenvervoer kon dus niet meer worden opgetekend, maar in dit boek "Vakbondswerk doe je met z´n allen" wordt er uitgebreid verslag van gedaan. De geschiedschrijving van de vakbeweging gaat dus onverminderd door.

Je zou bij deze opsomming van stakingen snel de indruk kunnen krijgen alsof het Reinder alleen om staken ging. Maar dan miskent men de betekenis van de titel die aan dit levensverhaal is meegegeven: "Vakbondswerk doe je met z’n allen." Reinder zegt daarover zelf:' de hoofdmoot van het vakbondswerk bestaat niet - zoals vaak gedacht wordt - uit actievoeren. Als ik de dagen van de acties bij elkaar optel dan is dat in al die jaren maar een heel klein onderdeeltje van het werk geweest." Om vakbondswerk met z'n allen te kunnen doen moet er sprake zijn van kameraadschappelijkheid.

Zo'n vorm van kameraadschappelijkheid vind je volgens Reinder in het bedrijvenwerk. "Dat is de kurk waarop het vakbondswerk drijft." En dat lukt alleen maar als er ook sprake is van kameraadschappelijkheid, een verschijnsel dat de Duitse filosofe Hannah Arendt in haar studie "Macht en geweld" omschreef als een diepere en sterkere band dan vriendschap of solidariteit. Vanuit die kameraadschappelijkheid is het mogelijk om naar dat uiterste middel van stakingen te grijpen om misstanden te dramatiseren en de openbare aandacht daarop gevestigd te krijgen. Wanneer diezelfde misstanden dan worden opgeheven wordt de dynamiek van de hoop op betere tijden herbevestigd. Zo'n dynamiek kan alleen maar draaiende gehouden worden als de drijvende krachten in de vorm van bestuurders in vakorganisaties actief blijven. Zo'n scharnier functie heeft Reinder Hoekzema in de vakbeweging gedurende twintig jaar vervuld.

Ik wens een ieder veel leesplezier toe bij de kennismaking met Reinders levensverhaal over zijn vakbondsactiviteiten. Er is een boeiende schets van levensherinneringen uit het noorden toegevoegd aan een traditie van memoire-literatuur die volgens Ger Harmsen als vroegste "In het rode deel van het noorden (vooral veen -en landarbeiders)" is begonnen.
« Laatste verandering: 27 Juni 2005, 12:14:34 door webmaster » Gelogd
Pagina's: 1 Omhoog E-mail dit topic Print 
« vorige volgende »
Ga naar:  

Powered by MySQL Powered by PHP Powered by SMF 1.1.11 | SMF © 2006-2009, Simple Machines LLC Valid XHTML 1.0! Valid CSS!